Door Dorothea om 17:57 op 12-1-2007, in rubriek Leuke verhalen, bekeken 919 keer
De hond is een carnivoor, of anders gezegd een vleeseter. Zijn hele spijsverteringsstelsel is nog identiek aan dat van z’n voorvader, de wolf. Van mond tot anus is de hond (en ook de kat en fret) optimaal aangepast aan het verteren van prooidieren.
De voedselopname begint bij de mond. De hond heeft een schaargebit, gekenmerkt door knipkiezen en grote hoektanden. Dit is helemaal uitgerust om vlees uit een prooidier te scheuren en af te knippen. Een knipkies heeft scherpe punten waarmee vlees in stukken wordt gesneden en botten worden gekraakt. Grote stukken vlees worden zo doorgeslikt, er wordt nauwelijks gekauwd. Sterker nog, een hond kan helemaal niet goed kauwen, omdat het gebit niet in staat is zijwaartse bewegingen te maken zoals bijvoorbeeld een rund of paard dat doet. Het speeksel van carnivoren bevat geen verteringsenzymen en dient enkel en alleen om het voer glad te maken. Vleeseters hebben vergeleken met planteneters (rund, paard, schaap) relatief kleine speekselklieren, voor de opname van sappig vlees is immers niet veel vocht nodig. Droog ruwvoer glijdt daarom ook heel moeizaam door de slokdarm van de hond, ook als het door speeksel bevochtigd is.
Via de slokdarm komt het voedsel in de maag. De hond heeft een grote maag en kan grote hoeveelheden voedsel in één keer tot zich nemen. Klieren in de maag scheiden een zoutzuuroplossing (maagzuur) af. Door productie van maagzuur wordt er een pH van 1-2 gerealiseerd, in dit zure milieu worden sommige in voedsel aanwezige bacteriën gedood en kunnen botten oplossen. Ook wordt onder invloed van het zoutzuur een eiwitafbrekend enzym (pepsine) geactiveerd. Hierdoor begint de afbraak van eiwitten dus al in de maag, wat nodig is om grote stukken vlees te verkleinen. Binnen in de voedselbrok blijft de pH nog enige tijd neutraal, waardoor er enige vertering onder invloed van enzymen uit het voedsel zelf kan optreden.
De voedselopname begint bij de mond. De hond heeft een schaargebit, gekenmerkt door knipkiezen en grote hoektanden. Dit is helemaal uitgerust om vlees uit een prooidier te scheuren en af te knippen. Een knipkies heeft scherpe punten waarmee vlees in stukken wordt gesneden en botten worden gekraakt. Grote stukken vlees worden zo doorgeslikt, er wordt nauwelijks gekauwd. Sterker nog, een hond kan helemaal niet goed kauwen, omdat het gebit niet in staat is zijwaartse bewegingen te maken zoals bijvoorbeeld een rund of paard dat doet. Het speeksel van carnivoren bevat geen verteringsenzymen en dient enkel en alleen om het voer glad te maken. Vleeseters hebben vergeleken met planteneters (rund, paard, schaap) relatief kleine speekselklieren, voor de opname van sappig vlees is immers niet veel vocht nodig. Droog ruwvoer glijdt daarom ook heel moeizaam door de slokdarm van de hond, ook als het door speeksel bevochtigd is.
Via de slokdarm komt het voedsel in de maag. De hond heeft een grote maag en kan grote hoeveelheden voedsel in één keer tot zich nemen. Klieren in de maag scheiden een zoutzuuroplossing (maagzuur) af. Door productie van maagzuur wordt er een pH van 1-2 gerealiseerd, in dit zure milieu worden sommige in voedsel aanwezige bacteriën gedood en kunnen botten oplossen. Ook wordt onder invloed van het zoutzuur een eiwitafbrekend enzym (pepsine) geactiveerd. Hierdoor begint de afbraak van eiwitten dus al in de maag, wat nodig is om grote stukken vlees te verkleinen. Binnen in de voedselbrok blijft de pH nog enige tijd neutraal, waardoor er enige vertering onder invloed van enzymen uit het voedsel zelf kan optreden.

Indy eet een konijn
Wanneer het voedsel voldoende verkleind is, wordt het naar de dunne darm getransporteerd. De dunne darm van de hond is erg kort (1.80-4.80 m.). In de dunne darm worden eiwit-, vet-, en koolhydraatsplitsende enzymen afgegeven. Uiteindelijk ontstaan er hele kleine voedseldeeltjes, die door de wand van de dunne darm opgenomen worden.
Onverteerd voedsel gaat naar de dikke darm. Ook de dikke darm is erg kort. Door de darmwand kan geen voedsel opgenomen worden, er wordt voornamelijk water aan de darminhoud onttrokken. Prooi-eters hebben een rijke darmflora, die een belangrijke rol speelt bij de afweer tegen ziekmakende bacteriën.
Het darmkanaal van vleeseters is dus vrij kort, om voeding optimaal te kunnen benutten, moet er dus een flink deel van de vertering in de maag plaatsvinden.
Waarom geen brokken?
Om maar weer bij het begin te beginnen: de voedselopname. Zoals al eerder is gezegd, kunnen honden niet goed kauwen. Brokken worden zeer snel naar binnen geschrokt. De brokken die tussen de kiezen worden gekraakt, laten resten op het gebit achter, die aanleiding kunnen geven tot het ontstaan van tandplak en tandsteen. Brokken plakken enorm aan het gebit door de aanwezigheid van grote hoeveelheden graan. Het effect is hetzelfde als na het eten van een liga. De gebitsreinigende werking die brokken zouden hebben, is een grote fabel.

Indy poetst z'n tanden met een vleesbot
Verder is er heel veel speeksel nodig om de droge brokken door de slokdarm te laten glijden. Grote hoeveelheden speeksel hebben een bufferende werking op het maagsap. Ook de grote hoeveelheden water, die na het nuttigen van brokken worden gedronken, zijn niet erg gunstig voor de zuurtegraad. Gevolg hiervan is dat er in plaats van een zuur milieu, een pH van 5-6 wordt bereikt. Bij deze hoge pH worden schadelijke bacteriën niet gedood, vindt eiwitvertering minder goed plaats en kunnen botten niet oplossen. De honden die dus de meeste problemen hebben met rauwe botten, zijn de honden die brokken eten. Verder zijn er geen verteringsenzymen aanwezig in brokken, omdat deze bij de verhitting tijdens het productieproces zijn stuk gekookt (denaturatie).
Kortom, de vertering in de maag is minimaal. Het gevolg hiervan is dat het voer langer in de maag blijft en er grotere stukken eiwit in de darm komen. Grote stukken eiwit kunnen in de darm het immuunsysteem prikkelen en aanleiding geven tot voedselallergie. Bovendien kunnen verteringsenzymen in de darm minder goed bestanddelen uit brokken verteren. Dit komt doordat de oorspronkelijke vorm van de voedseldeeltjes dusdanig door het verhittingsproces tijdens fabricage is veranderd waardoor verteringsenzymen ze niet meer herkennen. Het gevolg is dat een groot deel van het voedsel onverteerd in de dikke darm terecht komt. Dit veroorzaakt winderigheid en grote hoeveelheden ontlasting.
In brokken zit toch ook vlees?
In de meeste brokken zit slechts 4% vlees. Zo weinig vlees in het dieet van een dier dat van nature een vleeseter is! Een konijn geef je toch ook geen biefstuk? Nu moet je niet denken dat de fabrikant een sappig biefstukje door de brokken gooit. De meeste fabrikanten gebruiken dierlijke bijproducten. Dit kan pens zijn, maar bijvoorbeeld ook koeienhoeven of kippenveren. Het vlees in brokken lijkt in de verste verte niet op rauw vlees. Aanwezige verteringsenzymen en gunstige bacteriën zijn door het productieproces vernietigd.
Om brokken te produceren zijn grote hoeveelheden granen nodig. Granen voer je aan een kip, niet aan een hond. Granen kunnen allerlei gezondheidsklachten geven, zoals jeuk en huiduitslag. In de meeste brokken zitten ook nog eens hele schadelijke conserveringsmiddelen, die in voeding voor zuigelingen verboden zijn. Deze conserveringsmiddelen kunnen o.a. huiduitslag en hyperreactiviteit veroorzaken.
Voordelen van brokken zijn er niet, ze dienen slechts voor het gemak van de mens.
Wat eet Indy dan?
In de natuur eten wolven niet alleen vlees, maar hele prooidieren. Om de samenstelling van een prooidier te benaderen, is het verschaffen van enkel vlees niet voldoende. Om geen tekorten te krijgen, moeten er naast rauw vlees ook rauwe botten, organen, groente en fruit gevoerd worden. Voor wie dit teveel werk vindt, zijn er ook complete diepvriesvoeders te koop.
Indy z’n menu bestaat voor 60% uit rauwe vleesbotten, 15% orgaanvlees, 10% spiervlees, 10% groenten en 5% tafelresten. Hij eet o.a. kippenekken, lamsnekken, geitenribben, eendenkarkassen, zalmkoppen, lamspens, lamshart, lamslever, kippemaagjes, runderkopvlees, rauwe eieren, yoghurt en groenten.

Kortom, de vertering in de maag is minimaal. Het gevolg hiervan is dat het voer langer in de maag blijft en er grotere stukken eiwit in de darm komen. Grote stukken eiwit kunnen in de darm het immuunsysteem prikkelen en aanleiding geven tot voedselallergie. Bovendien kunnen verteringsenzymen in de darm minder goed bestanddelen uit brokken verteren. Dit komt doordat de oorspronkelijke vorm van de voedseldeeltjes dusdanig door het verhittingsproces tijdens fabricage is veranderd waardoor verteringsenzymen ze niet meer herkennen. Het gevolg is dat een groot deel van het voedsel onverteerd in de dikke darm terecht komt. Dit veroorzaakt winderigheid en grote hoeveelheden ontlasting.
In brokken zit toch ook vlees?
In de meeste brokken zit slechts 4% vlees. Zo weinig vlees in het dieet van een dier dat van nature een vleeseter is! Een konijn geef je toch ook geen biefstuk? Nu moet je niet denken dat de fabrikant een sappig biefstukje door de brokken gooit. De meeste fabrikanten gebruiken dierlijke bijproducten. Dit kan pens zijn, maar bijvoorbeeld ook koeienhoeven of kippenveren. Het vlees in brokken lijkt in de verste verte niet op rauw vlees. Aanwezige verteringsenzymen en gunstige bacteriën zijn door het productieproces vernietigd.
Om brokken te produceren zijn grote hoeveelheden granen nodig. Granen voer je aan een kip, niet aan een hond. Granen kunnen allerlei gezondheidsklachten geven, zoals jeuk en huiduitslag. In de meeste brokken zitten ook nog eens hele schadelijke conserveringsmiddelen, die in voeding voor zuigelingen verboden zijn. Deze conserveringsmiddelen kunnen o.a. huiduitslag en hyperreactiviteit veroorzaken.
Voordelen van brokken zijn er niet, ze dienen slechts voor het gemak van de mens.
Wat eet Indy dan?
In de natuur eten wolven niet alleen vlees, maar hele prooidieren. Om de samenstelling van een prooidier te benaderen, is het verschaffen van enkel vlees niet voldoende. Om geen tekorten te krijgen, moeten er naast rauw vlees ook rauwe botten, organen, groente en fruit gevoerd worden. Voor wie dit teveel werk vindt, zijn er ook complete diepvriesvoeders te koop.
Indy z’n menu bestaat voor 60% uit rauwe vleesbotten, 15% orgaanvlees, 10% spiervlees, 10% groenten en 5% tafelresten. Hij eet o.a. kippenekken, lamsnekken, geitenribben, eendenkarkassen, zalmkoppen, lamspens, lamshart, lamslever, kippemaagjes, runderkopvlees, rauwe eieren, yoghurt en groenten.
Indy geniet van een zalmkop
Sinds Indy geen brokken meer krijgt, ziet hij er veel beter uit. Hij is veel witter geworden en zelfs op de witte haren zit een glans. Z’n vacht is ook veel zachter. En wat ik het grootste voordeel vind, is dat hij veel en dan ook veel minder verhaart!
Indy had op tweejarige leeftijd al een flinke hoeveelheid tandsteen en ontstoken tandvlees. Ook dat is nu verleden tijd. Z’n gebit blijft schoon en hij stinkt niet uit z’n bek.
Verder laat hij een stuk minder winden (en brengt z’n baasje niet meer in verlegenheid). Tevens is de hoeveelheid ontlasting behoorlijk verminderd. Z’n ontlasting is ook altijd stevig. Bij de aanblik van al die grote, slappe, stinkende brokkenhopen op de stoep zou ik willen dat iedereen vandaag nog vers zou gaan voeren. Er is ooit eens berekend dat dat jaarlijks 15 miljoen kilo stront zou schelen.
Meer weten?
Zelf eten samenstellen voor je hond is ontzettend leuk. Het is een genot om de hond zo te zien genieten van z’n eten. Het eten is niet gereduceerd tot een paar minuten, maar wordt iets waar de hond echt moeite voor moet doen.
Zelf eten samenstellen is helemaal niet veel werk. Het meeste tijd kost het vullen van de vriezer. Wanneer deze vol is, hoef je alleen nog maar te ontdooien, alles wordt immers rauw gegeven.
Indy had op tweejarige leeftijd al een flinke hoeveelheid tandsteen en ontstoken tandvlees. Ook dat is nu verleden tijd. Z’n gebit blijft schoon en hij stinkt niet uit z’n bek.
Verder laat hij een stuk minder winden (en brengt z’n baasje niet meer in verlegenheid). Tevens is de hoeveelheid ontlasting behoorlijk verminderd. Z’n ontlasting is ook altijd stevig. Bij de aanblik van al die grote, slappe, stinkende brokkenhopen op de stoep zou ik willen dat iedereen vandaag nog vers zou gaan voeren. Er is ooit eens berekend dat dat jaarlijks 15 miljoen kilo stront zou schelen.
Meer weten?
Zelf eten samenstellen voor je hond is ontzettend leuk. Het is een genot om de hond zo te zien genieten van z’n eten. Het eten is niet gereduceerd tot een paar minuten, maar wordt iets waar de hond echt moeite voor moet doen.
Zelf eten samenstellen is helemaal niet veel werk. Het meeste tijd kost het vullen van de vriezer. Wanneer deze vol is, hoef je alleen nog maar te ontdooien, alles wordt immers rauw gegeven.

Zelf eten samenstellen is helemaal niet ingewikkeld. Je moet je er echter wel eerst een beetje in verdiepen voordat je aan de slag kunt. Alle informatie die je nodig hebt, is te vinden op www.barfplaats.nl . Ook is er onlangs een handig boekje verschenen over zelf voeding maken, het heet ‘Voer voor carnivoren’, geschreven door Tannetje Koning.
Een andere leuke site om te bezoeken is www.carnibest.nl . Carnibest is een compleet diepvriesvoer. Op hun site zijn heel veel succesverhalen te lezen, geschreven door gebruikers.

Staat er overigens op je website ook ergens te lezen dat je dierengeneeskunde studeert? Mensen zijn eerder geneigd om dit van een witte jas aan te nemen dan van ieder ander.
Hij gaat bij mijn verzameling BARF informatie!
Reageer op dit avontuur
Wil je een link maken begin dan met http://